.jpg)
In mijn praktijk zie ik hoe afhankelijkheid en leegte elkaar afwisselen. Pas wanneer iemand leert om met vriendelijkheid en mededogen alleen te zijn, ontstaat er ruimte voor echteverbinding. In dit blog deel ik inzichten uit de praktijk over hechting, vrijheiden herstel.
Ik zie regelmatig relaties die niet stuklopen door een gebrek aan liefde, maar juist door een teveel aan nabijheid. Eén van de partners leeft zo sterk vanuit de ander dat het eigen bestaan er volledig mee samenvalt. De relatie wordt het centrum van het leven. Wat begint als een liefdesrelatie, betrokkenheid en verlangen naar verbinding, verandert gaandeweg in aanpassing, pleasen en controle. De ander voelt steeds minder ruimte om zichzelf te zijn en trekt zich terug. Zo ontstaat een dynamiek waarin de één zich afgewezen voelt en de ander zich gevangen voelt.
In deze situaties raken genegenheid en intimiteit vaak op de achtergrond. Niet omdat mensen dat niet willen, maar omdat oude angsten het stuur overnemen. Angst om verlaten te worden. Angst om niet meer te bestaan zonder de ander. Angst om alleen te zijn.
.
Wanneer deze relaties uiteindelijk eindigen, blijft degene die zich heeft vastgehouden vaak ontredderd achter. Cliënten melden zich zelden met het woord ‘afhankelijkheid’. Ze spreken over leegte, onrust, somberheid, angst en het gevoel zichzelf kwijt te zijn. Veelal zijn het hoogopgeleide professionals of ondernemers die hun leven ogenschijnlijk goed op orde hebben. Ze functioneren in hun werk, dragen verantwoordelijkheid en maken rationele keuzes. Maar zodra ze alleen thuis zijn, valt alles stil.
Alleen zijn voelt niet als rust, maar als falen. De stilte confronteert hen met een leegte die ze niet kennen en niet verdragen. Vriendelijkheid naar zichzelf ontbreekt, het innerlijk oordeel is hard. Mededogen voor de eigen geschiedenis is ver weg.
Daarbij is het een pijnlijke confrontatie met de andere kant van wat eens je geliefde was. Je was gewend alles samen te doen, of dat een van de twee het voortouw nam. Als je uit elkaar gaat blijk je helemaal op jezelf aangewezen te zijn en het maatje waar je samen de problemen mee oploste is nu je tegenstander geworden. Je bent helemaal op jezelf aangewezen en dat voel je.
Wat ik vaak zie, is dat deze leegte snel wordt opgevuld door een nieuwe relatie. Niet vanuit bewuste keuze, maar vanuit noodzaak. De nieuwe partner brengt tijdelijk verlichting. Er is weer richting, bevestiging en bestaansrecht. Totdat dezelfde dynamiek zich herhaalt. De relatie wordt opnieuw te intens, te bepalend, te weinig vrij.
Pas wanneer iemand daadwerkelijk alleen komt te staan en die leegte niet langer kan vermijden, ontstaat ruimte voor een dieper onderzoek. Dat is meestal het moment waarop mensen zich bij mijn praktijk melden.
Relatieafhankelijkheid ontstaat zelden in het hier en nu. Vaak ligt de oorsprong in vroege ervaringen waarin nabijheid onveilig, wisselend of voorwaardelijk was. Als kind leer je je aan te passen om liefde te behouden. Je leert te voelen wat de ander nodig heeft en jezelf daarin weg te cijferen. Het lichaam onthoudt deze strategie.
Later in het leven wordt de partner onbewust ingezet als anker. Niet uit liefde, maar uit angst. De relatie wordt geen ontmoeting meer tussen twee autonome mensen, maar een reddingslijn. Zodra die dreigt weg te vallen, slaat het systeem alarm.
Als ik over de herinneringen uit de jeugd met cliënten praat, zijn die herinneringen soms heel diep verstopt of zelfs ontoegankelijk, veilig achter slot en grendel om maar niet te hoeven voelen. Een vreemde gewaarwording als de herinneringen van een cliënt pas beginnen aan het einde van de basisschool. Voor mij een aanleiding om samen met cliënt op zoek te gaan naar de oorzaken en antwoorden. Met de bedoeling om van daaruit weer vrijuit te kunnen leven, zonder somberheid en met een positieve attitude en vooral een gezonde verbinding met je partner of een toekomstige partner.
Om dit inzichtelijk te maken, gebruik ik soms een eenvoudige vergelijking. Denk aan het verschil tussen een hond en een kat. Een hond is vaak sterk gericht op zijn baasje. Hij volgt je door het huis, wacht bij de deur, stemt zijn gedrag af op jouw aanwezigheid. Als je een bal gooit, gaat de hond daarachteraan en brengt die naar het baasje, er wacht een beloning een aai over zijn bol of iets te eten. Voor veel mensen voelt dat prettig en bevestigend.
Een kat daarentegen zoekt nabijheid op zijn eigen voorwaarden. Hij komt wanneer hij wil, vertrekt wanneer het genoeg is. Hij blijft zichzelf, ook in contact. Heeft geen bevestiging nodig, de kat volgt niet echt orders op en zal de bal die gegooid wordt, halen als hij daar zelf zin in heeft.
In relaties zie je vergelijkbare dynamieken. De ‘hond’ in de relatie zoekt voortdurend bevestiging en nabijheid. De ‘kat’ heeft ruimte nodig en trekt zich terug wanneer het te benauwend wordt. Geen van beiden is fout. Het probleem ontstaat wanneer de hond zijn hele bestaansrecht ontleent aan de kat, en de kat zich verantwoordelijk gaat voelen voor het welzijn van de hond.
Dan verandert liefde in druk. En druk leidt uiteindelijk tot afstand. Wees je regelmatig bewust of je de hond of de kat bent en kijk of dat in die situatie voor jou, maar ook voor de andere comfortabel is.
Een cliënt vertelde hoe haar dagen volledig draaiden om haar partner. Zijn agenda bepaalde haar ritme, zijn stemming haar innerlijke staat. Toen de relatie eindigde, bleef zij achter in een leeg huis. Niet alleen het gemis van de ander deed pijn, maar vooral het gevoel zelf niet meer te bestaan.
In de sessies werd zichtbaar hoe zij als kind had geleerd zichzelf aan te passen om gezien te worden. Door daar met mededogen naar te kijken, ontstond langzaam ruimte. Alleen zijn werd niet langer een straf, maar een oefenplek.
Dit zegt een cliënt:
“Ik kwam binnen met het gevoel dat ik niemand was zonder relatie. Door de sessies leerde ik met meer vriendelijkheid naar mezelf kijken. De leegte werd dragelijk en kreeg betekenis.”
Wat steeds terugkomt, is dat verstikkende relaties niet ontstaan uit te veel liefde, maar uit een tekort aan innerlijke bedding. Wanneer iemand zichzelf niet kan dragen, wordt de ander onbewust belast met die taak. Dat ondermijnt gelijkwaardigheid en intimiteit.
Ook zie ik dat alleen zijn vaak wordt verward met eenzaamheid. Alleen zijn kan confronterend zijn, maar biedt ook de mogelijkheid om jezelf opnieuw te ontmoeten. Dit kan in deze fase een belangrijke bron van groei worden.
Het begint met vertragen. Niet direct opnieuw een relatie aangaan om de leegte tevullen, maar ruimte maken om te voelen wat er werkelijk speelt. Dat vraagt moeden mildheid.
Daarnaast is het essentieel om te onderzoeken waar de angst voor alleen zijn vandaan komt. Welke oude ervaringen worden hier geraakt? Door daar met mededogen naar te kijken, ontstaat inzicht in plaats van zelfverwijt.
Verder helpt het om het eigen leven opnieuw te vullen met betekenis die niet afhankelijk is van een partner. Vriendschappen, creativiteit, stilte en lichaamsbewustzijn helpen om jezelf te dragen.
Tot slot: erken wanneer patronen zich blijven herhalen. Sommige dynamieken vragenom begeleiding, omdat ze te diep verankerd liggen om alleen te doorbreken.
In mijn praktijk werk ik met coaching en regressietherapie om de oorsprong van deze patronen te onderzoeken. Door terug te gaan naar de momenten waarop gevoelens van verlatenheid of te kort zijn ontstaan, kan het systeem tot rustkomen.
Cliënten ervaren dat ze zichzelf steeds beter kunnen dragen. Alleen zijn verliest zijn dreiging. Vriendelijkheid en mededogen worden geen abstracte begrippen, maar een innerlijke houding.
Bij Wutah in Gouda begeleid ik cliënten die merken dat er iets onder hun functioneren wringt.
Niet oppervlakkig, maar in de diepte.
We kijken samen:
Met behulp van regressietherapie, familie opstellingen, EMDR en coaching brengen we helderheid en sturing in wat jij nu nodig hebt. Voor jezelf. En voor de relaties om je heen.
In mijn praktijk werk ik met regressietherapie, waarin we teruggaan naar ervaringen die aan de basis liggen van huidige patronen. Wat werd er van je gevraagd? Wat voelde je wel – en wat mocht je niet voelen? Wat heb je moeten opgeven om loyaal te blijven?
We doen dit met rust, vriendelijkheid en mededogen. Niet om met de vinger te wijzen, maar om te erkennen wat je hebt gedragen en je innerlijke ruimte terug te vinden. Vaak is het lichaam de sleutel – het weet wat woorden niet kunnen vertellen.
Thich Nhat Hanh zei het zo treffend:
"Liefhebben, in de context van heling, is het lijden in jezelf en in anderen herkennen en erop reageren met mededogen.”
Dat is wat regressietherapie je biedt: een manier om te helen wat lang verstopt zat.
Omdat ik werk met mensen zoals jij – met een scherp hoofd en een diep gevoelig hart. Mensen die niet meteen afhaken, maar die bereid zijn hun verleden serieus te nemen. Die voelen dat het tijd is om niet langer alles alleen te doen.
De reviews op mijn site spreken voor zich: mensen voelen zich gezien, veilig en uitgenodigd om echt te zakken in wie ze zijn. En dat alles met respect, rust en vriendelijkheid.
Als je merkt dat de pijn van je beschadigingen uit je verleden je leven beheerst, is het tijd om hierin verandering te brengen. Wil je ontdekken hoe coaching en regressietherapie je kunnen helpen om met vriendelijkheid en mededogen meer rust en balans te ervaren? Neem vrijblijvend contact op.

Zit jij in een spagaat en voel jij je overbelast en ervaar je mentale druk? Heb je het idee dat de oorzaken dieper liggen? Herken jij je in wat ik in deze blog heb geschreven? Zou je daar stappen in willen zetten. Ik kan je helpen de balans terug te vinden en te behouden.. Meld je dan nu aan door je gegevens achter te laten op het contactformulier en ik neem binnen 24 uur contact met je op, om jou passend te ondersteunen.
Ik ben Walter Keyner, Coach en Hypnose- en regressietherapeut bij Wutah in Gouda

Waarover maak jij je druk? Waarschijnlijk heb je daar geen invloed op en kun je de situatie niet veranderen...
Meer lezen
Overtuigingen hebben we allemaal. We leven vanuit overtuigingen. De angst dat je iets niet kunt. Het is jouw waarheid, je instelling...
Meer lezen